Voorzitter Rode Kruis: ‘Wat we in Gaza hebben gezien, overschrijdt alle wettelijke, ethische, morele en humane normen’

Derk Walters vanuit Maastricht
Gepubliceerd op 6 februari 2026

 INTERVIEW
Mirjana Spoljaric Egger | voorzitter Rode Kruis

Nu zelfs hulpverleners in conflictgebieden soms doelgericht worden gedood, heeft de uitholling van het internationaal humanitair recht alle grenzen overschreden, zegt Mirjana Spoljaric Egger, voorzitter van het Internationaal Comité van het Rode Kruis (ICRC). „Als je de basisregels wegneemt, is het nergens meer veilig.”
Halverwege het gesprek is Mirjana Spoljaric Egger zichtbaar geëmotioneerd. De voorzitter van het Internationaal Comité van het Rode Kruis (ICRC) heeft zojuist in meer abstracte termen over het internationaal humanitair recht verteld, maar nu gaat het over haar vijftien collega’s in Gaza die Israël met ambulance en al onder het zand begroef. En dan is de schending van dat recht ineens heel concreet.  

„Het was moeilijk om naar de foto’s van die gebeurtenis te kijken. Meer dan moeilijk, ik kon er niet naar kijken, ik ben er kapot van. Misschien ook omdat ik mijn collega’s daar tijdens de vijandelijkheden aan het werk heb gezien. Dit is iets wat nooit had mogen gebeuren.”

Het is, kortom, „niet de beste tijd” om voorzitter van het Rode Kruis te zijn, verzucht Spoljaric Egger. In Maastricht, waar ze eind januari een eredoctoraat in ontvangst nam, zet de Kroatisch-Zwitserse voormalige diplomaat uiteen wat er vanuit het perspectief van een humanitaire instelling allemaal de verkeerde kant op gaat in de wereld.

„Er zijn twee keer zo veel conflicten als vijftien jaar geleden, en ze zijn vaker grensoverschrijdend, tussen landen met zeer krachtige legers. Nieuwe technologieën, met name AI, versterken de vernietigende kracht van wapens, vooral voor burgers. Er zijn enorm veel meer onredelijke, agressievere aanvallen op de bevolking. Opzettelijke aanvallen op hele gezondheidszorgstelsels om de bevolking te verdrijven. En totale vernietiging van hele gebieden, zoals Gaza.”

Naleving internationaal recht is in verval
Het internationaal humanitair recht „staat op knappen”, concludeerde de Academie voor internationaal humanitair recht en mensenrechten in Genève deze week. Het onderzoekscentrum wijst onder meer op zeker honderdduizend gedode burgers in zowel 2024 als 2025, plus het straffeloos plegen van verkrachtingen en martelingen.

CV Mirjana Spoljaric Egger

1972 Geboren in Kroatië. Verhuisde op jonge leeftijd naar Zwitserland
2000 Ging werken voor het Zwitserse ministerie van Buitenlandse Zaken, onder meer in Bern, New York en Caïro

2010 Adviseur bij UNRWA, de VN-organisatie voor Palestijnse vluchtelingen, in Amman

2012 VN-ambassadeur namens Zwitserland

2018 Hoge ambtenaar bij de VN

2022 Voorzitter van het Internationaal Comité van het Rode Kruis

Gaza, zegt Spoljaric Egger, leverde misschien wel het meest tastbare bewijs voor de afkalving van het internationaal recht. „Ik heb Gaza twee keer bezocht in twaalf maanden tijd. De vijandelijkheden hielden nooit op. Er was geen minuut dat je geen schoten hoorde. Dat je lichaam de beschietingen niet voelde.”

De tweede keer dat ze er was, herkende ze de plek waar ze een jaar eerder was niet meer. „Ik kon me niet meer oriënteren. De eerste keer werden individuele gebouwen aangevallen. Elke wijk werd getroffen, maar niet volledig verwoest. Toen ik terugkwam, was er niets meer over.”

Zelfs als hulpverleners van het Rode Kruis groen licht krijgen, lopen ze nog het risico onder vuur te komen te liggen


Hoe oordeelt u daarover, vanuit het perspectief van het internationaal humanitair recht?
„Wat we in Gaza hebben gezien, overschrijdt alle wettelijke, ethische, morele en humane normen. We kunnen geen oorlogvoering accepteren die tot deze situatie leidt.”

Wat vindt u van de argumenten die Israël aandraagt, bijvoorbeeld het recht op zelfverdediging?
„Dat is geen excuus om de wet te overtreden. Je hebt dezelfde situatie in je nationale rechtsstelsel. Wanneer iemand een familielid van je vermoordt, geeft dat jou niet het recht om zijn familieleden te doden. Zo werkt het gewoon niet. Het is precies hetzelfde principe.”



Kunt u een voorbeeld noemen van een principe dat niet langer nageleefd wordt?
„Neem het recht op veilige doorgang. Wanneer mensen onder vuur komen te liggen, bemiddelen wij om hun een veilige aftocht te bieden. Maar in het huidige conflict is het niet langer mogelijk om te vertrouwen op een veilige doorgang. Zelfs als hulpverleners van het Rode Kruis groen licht krijgen, lopen ze nog het risico onder vuur te komen te liggen. Dit is een nieuwe situatie, die helaas niet beperkt is tot Gaza. Het gebeurt ook in Soedan, in Myanmar.”

Conferentie over menselijkheid in de oorlog

In september 2024 lanceerde het Internationaal Comité van het Rode Kruis een initiatief met Brazilië, China, Frankrijk, Jordanië, Kazachstan en Zuid-Afrika om politieke betrokkenheid bij het internationaal humanitair recht te stimuleren. Eind dit jaar is Jordanië gastheer van een conferentie over menselijkheid in de oorlog. Inmiddels hebben 99 landen zich bij het initiatief aangesloten.

Spoljaric Egger: „We proberen politiek momentum te genereren rond het idee dat als we de uitholling van het internationaal humanitair recht niet stoppen, we onze eigen bevolking onveilig maken. Je kunt zeggen dat Soedan ver weg is en dat dit nooit invloed op je zal hebben. Maar drones worden tegenwoordig bestuurd door mensen die zich duizenden kilometers verderop bevinden. Dus als we met iemand onderhandelen over bijvoorbeeld veilige doorgang, kunnen we er niet zeker van zijn dat die doorgang veilig is. Want degene die de trekker overhaalt, zit honderden kilometers verderop. En degene die ons groen licht geeft, heeft geen controle over die andere persoon.”

Het ICRC – een losstaande zusterorganisatie van het Nederlandse Rode Kruis – afficheert zichzelf als neutraal. Vanwege die neutraliteit kan bijvoorbeeld ook China voor zo’n conferentie benaderd worden; zolang dat land zich opstelt vóór het internationaal humanitair recht, is het welkom. Over het beleid van de Chinese regering heeft het Rode Kruis verder geen mening.

Die opstelling komt de organisatie ook op kritiek te staan. Als je in een conflict geen kant kiest, faciliteer je dan niet de agressor? Zo kreeg de organisatie bijvoorbeeld kritiek dat ze Rusland hielp door steun te verlenen tijdens het deporteren van Oekraïners.

Neutrale statements van het Rode Kruis vallen niet altijd goed. Onlangs uitte de organisatie kritiek op Russische én Oekraïense aanvallen op de energie-infrastructuur, omdat die miljoenen mensen in de kou laten zitten. Hierop beschuldigde de Oekraïense minister Andri Sybiha (Buitenlandse Zaken) de organisatie van „foute morele gelijkwaardigheid”: het Rode Kruis zou een agressor en een land dat zichzelf verdedigt op één lijn stellen.

Andere hulporganisaties kijken anders naar dit soort kwesties. Zo scheidden enkele Franse artsen zich, uit onvrede met die verregaande neutraliteit, in 1971 van het Rode Kruis af en richtten Artsen zonder Grenzen op. In tegenstelling tot het Rode Kruis schroomt die organisatie niet om kant te kiezen tegen agressors.

‘Het Rode Kruis is een gemakkelijk doelwit’
Spoljaric Egger is kritiek wel gewend: „Israël gaf ons de schuld omdat we de gijzelaars niet bezochten. Hamas gaf ons de schuld omdat we geen humanitaire hulp brachten. De Oekraïners geven ons de schuld omdat we geen oorlogsgevangenen bezoeken. Het Rode Kruis is al honderdzestig jaar altijd op het slagveld aanwezig. Het is een gemakkelijk doelwit.”

Wat zegt u tegen de critici?
„Wij zijn een onafhankelijke, neutrale en onpartijdige internationale organisatie. We zouden ons werk nooit kunnen doen als we partij zouden kiezen.”

Het Rode Kruis is afhankelijk van toegang tot slachtoffers. U moet dus met overheden praten. Stelt u in die gesprekken ook het humanitaire recht aan de orde?
„Ja, maar in stilte. Niet omdat we lafaards zijn, maar omdat we geloven dat dat de beste manier is om zo veel mogelijk mensen te helpen. Mijn collega’s over de hele wereld stellen elke dag uitgebreid allerlei kwesties aan de orde en werken soms in uiterst ingewikkelde omstandigheden, met als doel om mensen te beschermen. Kijk maar eens naar de foto’s van de vrijlating van Israëlische gijzelaars door Hamas. Je ziet onze ongewapende collega’s, omringd door duizenden gewapende strijders. En toch vertellen ze iedereen hoe ze zich moeten gedragen om ervoor te zorgen dat degenen die bescherming nodig hebben, met respect worden behandeld.”

Ik bespeur een groeiende trend om de vijand te ontmenselijken


Kunt u verklaren waarom hulpverleners kennelijk niet langer onschendbaar zijn?
„Ik bespeur een groeiende trend om de vijand te ontmenselijken. Dit is naar mijn mening een van de gevaarlijkste ontwikkelingen in de recente oorlogsvoering. Wat we vandaag horen, ook in debatten in de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties, heb ik nooit gehoord toen ik twintig jaar geleden mijn diplomatieke carrière begon, en ik ben verbaasd dat delegaties in de zaal blijven, niet reageren, geen verontwaardiging tonen. Wanneer een officiële vertegenwoordiger van een land de bevolking van een ander land openlijk ontmenselijkt, moet de internationale gemeenschap reageren. Als je mensen er vrijuit over laat praten, is het een kwestie van tijd voordat mijn collega’s die ontmenselijking in de praktijk gebracht zien worden op de slagvelden.”