Rembrandt
Het Rijksmuseum Amsterdam presenteerde maandagochtend een nieuwe Rembrandt: Het visioen van Zacharias in de tempel (1633). Het schilderij was eerder afgeschreven als een Rembrandt, en 65 jaar lang niet in het openbaar getoond.

Merlijn Schoonenboom
2 maart 2026
Drie keer eerder werd het schilderij afgeschreven, 65 jaar lang is het niet meer in het openbaar te zien geweest, maar nu weet het Rijksmuseum in Amsterdam het zeker: Het visioen van Zacharias in de tempel (1633) „is een echte Rembrandt”. Maandagochtend presenteerde het museum op een persconferentie het schilderij als ontdekking van twee eigen onderzoekers.
Het schilderij, eigendom van een particulier die anoniem wil blijven, zal vanaf deze week als langdurig bruikleen in het Rijksmuseum komen te hangen. Het schilderij werd in 1898 ook al in het museum getoond, op de eerste overzichtstentoonstelling van Rembrandt ter gelegenheid van de inauguratie van koningin Wilhelmina. In 1960 werd het de eerste keer afgeschreven als zijnde een Rembrandt, en nadat het in 1961 was verkocht, was het niet meer door experts onderzocht.
Een paar dagen voor de persconferentie staat Het visioen van Zacharias in de tempel op een schildersezel in het restauratieatelier van het Rijksmuseum. Relatief klein is het, 60 bij 50 centimeter, olieverf op hout, met een tafereel uit de Bijbel, waarin Zacharias van de aartsengel Gabriël te horen krijgt dat hij en zijn vrouw ondanks hun hoge leeftijd een zoon krijgen, de latere Johannes de Doper. De twee onderzoekers, conservator en Rembrandt-kenner Jonathan Bikker en Petria Noble, hoofd van het restauratieatelier, staan ernaast, en laten via een powerpoint hun bewijzen zien dat de schilder de 27-jarige Rembrandt van Rijn moet zijn geweest.
In 2023 kreeg het museum een foto toegestuurd van de zoon van de koper uit 1961, met het verzoek het werk te onderzoeken. „Zijn vraag was niet, is dit van Rembrandt? Maar: is dit van Salomon Koning of Jan Lievens”, zegt Bikker. Het schilderij werd in 1961 wél gekocht als een Rembrandt, maar in de belangrijke catalogi sinds die tijd ontbrak het. In 1960 bestempelde een Duitse Rembrandt-deskundige het als een ‘Jan Lievens’, in 1969 schreef een andere onderzoeker het ook af, en het Rembrandt Research Project, tussen 1968 en 2014 dé Rembrandt-autoriteit, deed dat ook.

Vroeger alleen zwart-witfoto’s of slechte reproducties
Maar Bikker vermoedt dat die eerdere onderzoekers het echte schilderij nooit hebben gezien, en alleen „zwart-witfoto’s of slechte reproducties” hadden om te beoordelen. Dat is nu anders, zegt hij: het Rijksmuseum had niet alleen de beschikking over het schilderij zelf, maar ook over hogeresolutiefoto’s, scanners en andere apparatuur waarmee ook De Nachtwacht de afgelopen jaren is onderzocht en gerestaureerd.
Het tweejarige onderzoek begon bij het materiaal: het hout van het paneel stamt volgens Bikker en Noble uit de periode waarin Rembrandt werkte, de verf is dezelfde als die hij in andere schilderijen gebruikte, en vergelijkingen met een ander, bijna identiek schilderij in een museum in het Duitse Schwerin laten zien dat dit het origineel moet zijn en die in Schwerin de kopie. Natuurlijk, zegt Bikker, alleen op basis van de informatie van het materiaal had het schilderij ook door een leerling of medewerker van Rembrandt geschilderd kunnen zijn, maar dat geldt volgens hem niet voor de „verfopbouw”, die „typisch is voor Rembrandt”, voor de handtekening die aanwijsbaar op de natte verf is aangebracht, en vooral: voor de stijl.
Petria Noble loopt naar het doek en wijst op een geschilderde plooi in het altaarkleed, die op de powerpointpresentatie op de laptop ernaast is uitvergroot: „Hier komt de onderliggende schets tevoorschijn, het is typisch voor Rembrandt om dat open te laten.” Bikker wijst op de kleine stipjes lichte verf die de stoffen en het wierookvat uitlichten; op de ogen van Zacharias die slechts puntjes zijn, maar voldoende om de emotie van ongeloof op het gezicht van Zacharias op te roepen. Ook loven de onderzoekers de compositie, die volgens hen „het spannendste moment van het verhaal” uitbeeldt: het moment dat Zacharias het nieuws te horen krijgt. Rechtsboven doet een lichtbron de engel vermoeden, maar je ziet hem niet – anders dan op andere, buitenlandse uitbeeldingen van dit thema; Rembrandt was de eerste in de Nederlanden die dit verhaal koos. „Ontroerend” noemt museumdirecteur Taco Dibbits de voorstelling in het persbericht.
Afbeeldingen vergroten door te klikken

‘Oordeel van Rijks niet zomaar een mening’
Maar kan het Rijksmuseum wel zo zeker zijn? Ja, zeggen Bikkers en Noble. De onderzoekers verwijzen naar twee kleine portretten die het museum in 2023 ook als herontdekte Rembrandts presenteerde: Jan Willemsz. van der Pluym en zijn echtgenote Jaapgen Caerlsdr. Volgens hen laten die portretjes en het nieuwe schilderij zien dat er nog steeds Rembrandts uit particuliere collecties kunnen opduiken. Maar de discussie die na de presentatie van ‘Jan en Jaapgen’ onder kunsthistorici over deze toeschrijving werd gevoerd, laat óók zien dat dergelijke recente herontdekkingen vaak omstreden zijn. Niet alleen de wetenschappelijke maar zeker ook de commerciële belangen zijn enorm: de naam Rembrandt voegt vele miljoenen aan de waarde toe.
Bikker sluit niet uit dat er nu ook discussie ontstaat, maar benadrukt wel dat het oordeel van het Rijksmuseum niet zomaar een mening is. Het is weliswaar geen „museumbeleid” om nu als een soort nieuw Rembrandt Research Project stempels van echtheid uit te gaan delen, zegt hij, maar „persoonlijk vind ik dat wij de enigen zijn met de kennis, de expertise en de apparatuur in huis”. Een commercieel belang heeft het museum daarbij niet, zegt hij: „Wij doen dit puur uit interesse. En om dichter bij Rembrandt te komen.”
De ontdekking – of eigenlijk: herontdekking – bevestigt volgens Bikker en Noble dat de jonge Rembrandt anders moet worden gezien dan kunsthistorici lang deden. Lang werd gezegd dat de schilder in zijn jonge jaren „fijn en netjes” schilderde, en dat hij pas op latere leeftijd grover, schetsmatiger en met minder kleuren ging werken. Maar dat klopt niet, zegt Bikker. Een ander Rembrandt-schilderij uit datzelfde jaar 1633, dat in het Getty Museum in Los Angeles onder de titel Daniel and Cyrus before the Idol Bel hangt, heeft dezelfde stijl. Al maakte Rembrandt toen nog vooral naam als portretschilder, het zijn taferelen die de schilder volgens Bikker ook op jonge leeftijd al het liefst maakte.
