In het enige Joods-Palestijnse dorp van Israël wordt elkaar begrijpen steeds moeilijker

REPORTAGE

Samenleven 


NRC-redacteur Guus Valk keerde terug naar het Israëlische ‘vredesdorp’ Wahat as-Salam/Neve Shalom waar hij als correspondent een jaar had gewoond. Een inwoner: „Voor 7 oktober wist ik: er kunnen oorlogen of aanslagen komen, maar wij zijn verenigd. Nu weet ik niets meer zeker.” > 

13 februari 2026 om 16:09

De bewoners van het Israëlische dorp Wahat as-Salam/Neve Shalom hebben een appgroep. Er wordt vaak over geklaagd. Sommige bewoners delen er te veel in, vinden anderen. Ping! Een hond loopt los rond. Ping! Een haan kraait te hard. Ping! De elektriciteit is uitgevallen.

De appgroep van het dorp (ruim driehonderd inwoners) zwijgt soms ook. Neriya Mark (37) kwam daar eind 2023 achter. Een Palestijnse buurvrouw had bij een Israëlisch bombardement op Gaza in één klap meer dan veertig familieleden verloren. Neriya wist het niet, ze hoorde het pas veel later van iemand anders.

Wat betekent het, vraagt Neriya Mark zich af, dat zelfs hier, in deze oase van vrede, iemand zich niet veilig voelt om zoiets groots te delen? En wat zegt het dat Joodse dorpsbewoners zich na 7 oktober 2023 meldden als reservist in het Israëlische leger, en dat óók niet vertelden aan hun Palestijnse buren? De appgroep bleef stil als het écht belangrijk werd. De oorlog heeft een diep onderling wantrouwen aan het licht gebracht, zegt Neriya Mark, een Joodse Israëliër, in haar woonkamer. ,,Voor 7 oktober wist ik: er kunnen oorlogen of aanslagen komen, maar wij, inwoners, zijn verenigd. We zijn voor dezelfde vrede, tegen hetzelfde geweld.”

En nu? ,,Nu weet ik niets meer zeker.”

Wereldberoemd dorpje

Wahat as-Salam/Neve Shalom is gebouwd tegen een heuveltop tussen Jeruzalem en Tel Aviv. Het dorp bestaat uit ruim honderd vrijstaande huizen, een school, een hotel en een klein winkeltje. De huizen geven iets prijs over de bewoners: sommige zijn gebouwd in minimalistische kibboets-stijl, met een rood schuin dak en gepleisterde muren. Andere zijn gebouwd volgens Arabische architectuur, met sierlijke bogen en wit marmer. De huizen zijn soms moeilijk te zien door de cipressen, cactussen en pijnbomen. 

Dit is de enige plek in Israël waar Joodse Israëliërs en Palestijnen uit vrije wil samenleven. Het gaat om Palestijnse Israëliërs die in 1948 niet zijn verdreven buiten Israëls grenzen, deze groep maakt ongeveer 20 procent van de bevolking uit. Er wonen iets meer dan driehonderd mensen. De helft van de bevolking is Joods, de andere helft Palestijns, zowel islamitisch als christelijk.

Bijna een jaar lang woonde ik hier met mijn gezin, tussen 2010 en 2011, twee huizen bij Neriya Mark vandaan. Ik was correspondent in Israël en Palestina, kende het wereldberoemde dorpje al van een eerder bezoek, en kreeg de kans een huis onder te huren van een Palestijnse familie. Na mijn vertrek naar de Verenigde Staten in 2011 kwam ik met enige regelmaat terug in het dorp. Nu, in januari, ben ik er een week.

Als journalist ben ik altijd gefascineerd door de spanning tussen politieke idealen en dagelijkse praktijk. Ik kon geen betere plek verzinnen om dat te zien gebeuren. Bijvoorbeeld op de School voor Vrede in het hart van het dorp, waar kinderen in het Hebreeuws én het Arabisch les krijgen. Voor de klas staan daarom twee onderwijzers, een Joodse en een Palestijnse. De kinderen lopen door een poort in regenboogkleuren naar binnen.

De bewoners kiezen heel bewust voor deze plek, merkte ik toen. Ze geloven dat samen leven leidt tot beter wederzijds begrip. Met hun dorp willen ze ook een voorbeeld zijn. Het levert ze vaak onbegrip en soms haat op in eigen Joodse of Palestijnse kring. En ook in het dorp zelf is het samenleven ingewikkeld, ook dat merkte ik toen al. Politiek, maar ook cultureel. Joodse Israëliërs houden vaak van honden. Palestijnen zijn vaak juist bang voor honden. Joodse Israëliërs gaan op hun achttiende het leger in, Palestijnen niet. Dat de ruim driehonderd dorpsbewoners het toch blijven proberen, tegen alle druk in, fascineerde me.

Palestijns-Joods dorp aan de rand van de groene lijn

Aanvallen

Een paar keer had Eldad Joffe (70) het dorp bezocht. Als student in de jaren tachtig, op een retraite van zijn werk, twee decennia later. En hij wist: hier wil ik wonen. In de euforie van de Oslo-akkoorden van 1993 was hij met zijn vrouw Imi en drie kinderen vanuit de Verenigde Staten teruggekeerd in Israël. Vrede tussen Israël en de Palestijnen leek eindelijk mogelijk. Het lukte pas in 2017. Joffe werd gekozen tot burgemeester en had grote plannen: hij wilde het dorp zichtbaarder in eigen land maken, een toonbeeld van co-existentie tussen Joden en Palestijnen in een steeds rechtser land.

Zijn eerste werkdag was op vrijdag 6 oktober 2023.

Een dag later, op de vroege zaterdagochtend, viel Hamas vanuit Gaza Israël binnen. Bij deze terroristische aanvallen vielen ruim 1.200 Israëlische doden, duizenden gewonden. Hamas nam 251 gijzelaars mee naar Gaza. 

Joffe wist meteen dat zijn baan een heel andere zou worden. Hij maakte zich zorgen over de veiligheid van de circa driehonderd dorpsbewoners. De laatste jaren was het dorp drie keer door radicale kolonisten uit de bezette Westelijke Jordaanoever aangevallen. Er was brand gesticht, auto’s waren beschadigd en er waren racistische leuzen op huizen gespoten, zoals ‘dood aan de Arabieren.’ Zoiets zou weer kunnen gebeuren, of erger.

De eerste werkdag van ldad Joffe als burgemeester was op vrijdag 6 oktober 2023. Een dag later viel Hamas vanuit Gaza Israël binnen. FOTO MICHAL FATTAL

Ik bezocht het dorp opnieuw in oktober 2023, twee weken later. Het toegangshek was overdag gesloten, dat was nooit eerder gebeurd. Inwoners hadden op initiatief van Joffe een burgerwacht gevormd, en reden in groepjes rond. Mensen bleven thuis, wachtend op het ergste.

Er liepen soms ongure, gewapende types langs het dorp, zegt Eldad Joffe. Verder bleef het rustig. De toegangspoort ging na een paar maanden weer open. Wat hij en zijn dorpsgenoten niet wisten, was dat de ingrijpendste gevolgen van ‘7 oktober’ niet van buitenaf kwamen, maar van binnenuit. Joffe: ,,Onze missie, het bevorderen van wederzijds begrip, was opeens ver weg. Maar de moeilijkheid was vooral: hoe gaan we hier verder met samenleven?”

De moeilijkheid was vooral: hoe gaan we hier verder met samenleven?Eldad Joffe inwoner Wahat as-Salam/Neve Shalom

Het idee van een gezamenlijk dorp voor Joden en Palestijnen kwam van Bruno Hassar (1911-1996), een Joodse immigrant die in Egypte was geboren. Het was een paar jaar na de Zesdaagse Oorlog van 1967, Israël had onder meer de Westelijke Jordaanoever, Oost-Jeruzalem en Gaza bezet. Hassar zag het naoorlogse Israël als ,,een mozaïek van religieuze, nationale en culturele gemeenschappen, totaal onverschillig jegens elkaar, als ze al geen oorlog voeren”, schreef hij. 

Hassar, tot het christendom bekeerd en monnik geworden, besloot in Israël zijn leven te wijden aan het overbruggen van haat. mocht een heuveltop, in bezit van een kloosterorde, in gebruik nemen. De heuvel ligt exact op de Groene Lijn, de bestandsgrens uit de oorlog van 1948, tussen Israël en de inmiddels bezette Westelijke Jordaanoever. Op deze heuveltop stichtte hij een Oase van Vrede, met Hebreeuwse én Arabische naam.

Hij geloofde in radicale gelijkheid. De Joodse en Palestijnse groepen moesten precies even groot zijn, zodat geen groep zou domineren. Conflicten moesten worden uitgepraat in de dorpsraad of in kringgesprekken. Geen taal of cultuur mocht sterker worden dan de andere.

A story of Guus Valk: A inscription of peace in Neve Shalom (Oasis of Peace’), a cooperative village in Israel, founded by Israeli Jews and Arabs as a place of coexistence. Photo by Michal FattalFOTO MICHAL FATTAL

Belangrijke dagen, ook de pijnlijke, herdenkt het dorp gezamenlijk, zoals de Israëlische Onafhankelijkheidsdag of de Palestijnse Nakba (‘catastrofe’, de vlucht en verdrijving van 700.000 Palestijnen rond 1948). Veel inwoners van Wahat as-Salam/Neve Shalom hadden de stille hoop dat het dorp niet de enige plek van vreedzaam samenleven zou blijven.

In staat van shock

De buitenwereld ziet Wahat as-Salam/Neve Shalom vaak als een idylle, zegt Samah Salaime (50). Daarom laten politici en artiesten uit het buitenland zich er graag fotograferen. De Palestijnse schrijfster en activiste woont in een kleine caravan in het midden van het dorp. Ze voedde met haar man drie kinderen op in het dorp, ze leven sinds kort gescheiden. Hij bleef in het huis, zij in de caravan in de tuin. Ze zegt: ,,Het dorp is nooit idyllisch of harmonieus geweest. Maar dat is goed. Het gaat erom dat iedereen gelijkwaardig is, niet dat er geen ruzie mag zijn.”

De eerste dagen na 7 oktober 2023 verkeerde het dorp in een staat van shock. Veel Joodse bewoners hadden familieleden, vrienden of collega’s verloren. Links Israël was extra zwaar getroffen door de terreur, omdat de linksige kibboetsen rondom Gaza zwaar getroffen waren. Salaime: ,,Iedereen in de gemeenschap had behoefte aan menselijk contact. Er was verdriet, we hadden gespreksbijeenkomsten voor Joodse en Palestijnse inwoners. Iedereen had trauma ervaren.” 

Joodse inwoners van Wahat as-Salam/Neve Shalom voelden zich eenzaam, merkte ze, ze hadden steun nodig. ,,Ze kregen in eigen kring te horen: waarom verraad jij je volk door met Palestijnen te wonen?” Salaime zat 39 dagen in onzekerheid over het lot van haar vriendin Vivian Silver, een 74-jarige vredesactivist uit kibboets Be’eri. Na ruim een maand bleek dat ze die zaterdagochtend al was vermoord. Salaime schreef op +972 Magazine, een progressief Joods-Palestijns blog, een herinnering aan haar vriendin: ,,Zelfs zij onder ons die deze oorlog overleven, Palestijnen en Israëliërs, zullen er verpletterd van verdriet uitkomen.”

De weken erna zag ze Israël geel kleuren: gele lintjes, gele spandoeken en geel beschilderde muren, uit solidariteit met de Israëlische gijzelaars. Ook in het dorp hingen sommige inwoners een geel lintje aan hun auto. 

Zelfs zij onder ons die deze oorlog overleven, Palestijnen en Israëliërs, zullen er verpletterd van verdriet uitkomenSamah Salaime inwoner Wahat as-Salam/Neve Shalom

Vanaf de heuveltop van Wahat as-Salam/Neve Shalom kon ze de verwoesting van Gaza meemaken: de flitsen en doffe dreunen waren zichtbaar en hoorbaar. Straaljagers vlogen laag over voor nieuwe luchtaanvallen op Gaza. Israël veranderde. ,,Links Israël ging ten onder in de oorlog. Demonstreren voor een staakt-het-vuren werd al gezien als verraad.” ‘Shalom’, vrede, werd een verdacht woord onder Joodse Israëliërs, een woord dat ook progressief-Joodse Israëliërs niet graag in de mond namen, behalve als begroeting.

Palestijnen werden bang. Samah Salaime kreeg het verzoek van haar moeder om de Palestijnse vlag van haar sociale media te verwijderen. Dat weigerde ze. ,,Iedereen weet toch al hoe ik erover denk.” Naar demonstraties gaan vond ze te gevaarlijk. Salaime merkte dat ze niet meer werd uitgenodigd op de Israëlische televisie, wat ze daarvoor vaak deed, om het Palestijnse perspectief uit te leggen. Ze wist: ,,De meeste Joodse Israëliërs geven niets om wat er gebeurt in Gaza. Ze horen er vrijwel niets over. Het verhaal is uitgewist.”

In Wahat as-Salam/Neve Shalom is dat anders. De meeste bewoners lezen de kritische krant Ha’aretz of alternatieve Israëlische media. En voor blinde vlekken is er de Palestijnse kinderarts Raed Haj Yehia (59). Hij werkt voor Artsen voor Mensenrechten Israël en kwam jarenlang in Gaza. Zijn laatste bezoek was in september 2023. Gaza is sindsdien voor hem gesloten. 

Arts Raed Haj Yehia verloor veel collega’s en vrienden in Gaza. FOTO MICHAL FATTAL

Lijden in stilte

Raed Haj Yehia verloor tientallen collega’s en vrienden in Gaza, of hun naasten. Daar praat hij niet gemakkelijk over, en al helemaal niet in de appgroep van het dorp. Wat hij daar wel begon te delen, waren filmpjes en berichten van vrienden uit Gaza. Als hij iets hoort van artsen ter plekke, geeft hij het door in de appgroep. Vandaag nog , vertelt hij. Hij laat niet alles zien. ,,Ik kan je een video laten zien waarin een bevriende arts het been van zijn gewonde dochter amputeert. Zonder verdoving, zonder medicijnen, op de keukentafel. Hij handelde als dokter, maar deed het ergste dat een vader kan doen.” 

Hay Yehia, gehard en ervaren als arts, heeft na het zien van alle beelden een psychologische crisis doorgemaakt. ,,Ik werd angstig en kreeg paniek. Ik ben bij een psycholoog geweest. Inmiddels kan ik de beelden weer bekijken.” Hij weet dat hij ze niet met dorpsbewoners kan delen. Hij ziet ze wel, en lijdt in stilte.

Samah Salaime kreeg , naarmate de eerste schok van 7 oktober verdween, steeds vaker vragen van Joodse Israëliërs. Ook in het dorp. Veroordeelde ze Hamas wel? Wilde ze óók dat de Israëlische gijzelaars terugkomen? Dat maakte haar woedend. Ze had decennialang duidelijk gemaakt waar ze stond, maar sommige Joodse Israëliërs zagen haar als verdacht. ,,Zij kunnen óók immoreel zijn, wreed en onmenselijk. Het Israëlische leger heeft een genocide in Gaza gepleegd, er is seksueel geweld in Israëlische gevangenissen. Ik wil niet als dader gezien worden, maar als slachtoffer.” 

Neriya Mark en Ido Even Pas. ”Ik merk dat activisme ook in kleine dingen kan zitten.”MICHAL FATTAL

Sommige Joodse dorpsbewoners zijn zich na 7 oktober openlijker zionist gaan noemen. Zionisme, de politieke overtuiging dat er een Joods thuisland in het Bijbelse Israël moet zijn, was vóór 7 oktober in het dorp een beladen term, vertelt Ido Even Paz (42), de man van Neriya Mark. ,,Er werd hier raar opgekeken als iemand openlijk zei: ik ben zionist. En dat terwijl 99 procent van de Joodse Israëliërs zich zo noemt.”

Zionisme

Ido Even Paz heeft een groot deel van zijn leven besteed aan activisme. Als twintiger ging hij werken bij Breaking the Silence, een organisatie van oud-militairen die de gevolgen van bezetting en oorlogsgeweld wil laten zien. Nu leidt hij een kleine organisatie die jongvolwassen Israëliërs laat kennismaken met Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever.

Over zionisme of Joods-zijn werd in zijn links-activistische kringen nauwelijks gepraat, zegt hij. Het was ook niet nodig. ,,Ik word in Israël omringd door Joden. Pas als ik in het buitenland ben, ga ik nadenken over mijn Joods-zijn. Veel Joodse Israëliërs, zeker ook de linkse, kwamen er de laatste twee jaar achter dat ze veel Joodser en zionistischer zijn dan ze altijd hadden willen toegeven.”

Ook Samah Salaime, Palestijn, hoort Joodse dorpsgenoten openlijker over hun zionistische overtuigingen praten. ,,Ik zie het als mijn taak ze daarvan te genezen”, zegt ze. ,,Ik hoor bij de derde generatie Palestijnen na de Nakba, de verdrijving uit wat nu Israël is. Het gaat in Israël steeds over Gaza. Nooit gaat het over de vraag: hoe komt het eigenlijk dat die plek zo overbevolkt is? Hebben wij daar misschien iets mee te maken? Alsof het Palestijnse volk pas begon te bestaan op 7 oktober.” 

Het gaat in Israël steeds over Gaza. Nooit gaat het over de vraag: hoe komt het eigenlijk dat die plek zo overbevolkt is?Samah Salaime inwoner Wahat as-Salam/Neve Shalom

Een gezamenlijke begraafplaats in Wahat as-Salam/Neve Shalom. 
FOTO MICHAL FATTA

Vorig jaar verloor opnieuw een Palestijns gezin in het dorp tientallen familieleden in Gaza bij een Israëlisch bombardement. Neriya Mark en Ido Even Paz gingen voor condoleances naar hun familiehuis in Rahat, een Israëlische stad waar veel Palestijnen wonen. Daar zou, gebruikelijk voor Palestijnen, een rouwtent zijn, dachten ze.

Eenmaal aangekomen raakten ze in verwarring: er was helemaal geen tent. Ze werden snel naar binnen getrokken om daar, ongezien, te kunnen condoleren. ,,Ze wisten dat de Israëlische politie families van omgekomen mensen in Gaza in de gaten houdt. Openlijk rouw tonen zou betekenen dat mensen in gevaar zouden worden gebracht.”

De gebeurtenis maakte diepe indruk. Terug in Wahat as-Salam/Neve Shalom begon Neriyah Mark twee keer een gesprekskring met dorpsbewoners over het verlies van vrienden en familieleden, Joods en Palestijns. Ze nodigde arts Raed Haj Yehia uit om te vertellen over Gaza. Dorpsbewoners vertelden, schoorvoetend, het werd emotioneel. De Palestijnse buurvrouw was er ook bij, en was na afloop opgelucht.

De pijn is er nog, zegt Neriya Mark. ,,De buurvrouw had er met geen woord over gepraat. Niet op haar werk, niet in het dorp. Zelfs haar familiehuis was niet veilig. Ik zag de pijn van iemand die nergens zichzelf mag zijn.”

Op politiek én op persoonlijk niveau moest Wahat as-Salam/Neve Shalom met zichzelf in gesprek. Dorpsbewoners vertellen hoe moeilijk dat is, al kunnen ze goed praten. Nieuwe bewoners werden lange tijd psychologisch gekeurd op hun vredelievende karakter. Ze moesten tests invullen en met een psycholoog praten. Dorpsbewoners kwamen vanaf 7 oktober veel samen. Er werden professionele begeleiders ingehuurd om het gesprek op gang te houden.

In één van die groepen was het idee ontstaan om met een soort manifest te komen, waarin het dorp het geweld van Israël in Gaza zou veroordelen. Dat hadden ze eerder gedaan. Er werd lang gepraat. Hoe moest het geweld genoemd worden? Hoeveel aandacht kregen de Israëlische gijzelaars? De dorpelingen kwamen er niet uit. Er kwam geen tekst. Burgemeester Eldad Joffe: ,,Het ging gewoon niet. Ik denk dat het ook niet helpt voor de verhoudingen in het dorp als we ons te veel in het nationale debat mengen. We moeten er in de eerste plaats voor elkaar zijn.”

Er zou een soort manifest te komen, waarin het dorp het geweld van Israël in Gaza zou veroordelen. De dorpelingen kwamen er niet uit. Er kwam geen tekst

Per definitie slachtoffer

Eldad Joffe ziet dat het gesprek over Gaza soms stroef loopt. Niet alleen tussen Joodse en Palestijnse dorpsbewoners, want de meningen zijn soms binnen de groepen ook verdeeld. ,,Het gesprek gaat sterk langs post-koloniale lijnen. Voor een deel van het dorp is Israël een koloniaal project. En wij, de Joden, worden daarom per definitie gezien als kolonisten. De Palestijnen zijn per definitie het slachtoffer. De Joden doen het per definitie verkeerd.”

Joffe is het daar ,,niet per see mee oneens”. Maar de gevolgen ervan zijn merkbaar. ,,Het gaat hier vaak over ongelijkheid tussen Joden en Palestijnen. De ene groep is altijd machtig, en de andere altijd machteloos. De ene groep altijd schuldig, de andere onschuldig. Ik heb daar moeite mee. Mensen worden zo niet meer als individu gezien, maar als deel van een groep.”

Joden en Palestijnen zijn zich meer met hun eigen groep verbonden gaan voelen na 7 oktober, ook in Wahat as-Salam/Neve Shalom. Maar de bedoeling van het project was ooit anders, zegt Rayek Rizek (70), een christelijke Palestijn die in 1984 met zijn vrouw Dyana in Wahat as-Aalam/Neve Shalom ging wonen. Twee periodes was hij burgemeester, nu heeft hij een koffie- en cadeauwinkeltje. Rizeks belangrijkste bezigheid: hij verzorgt meer dan twintig zwerfkatten in het dorp. Ze achtervolgen hem overal, van de winkel tot aan zijn huis.

Oud-burgemeester Rayek Rizek in zijn winkel. Hij verzorgt ruim twintig zwerfkatten in het dorp. 
FOTO MICHAL FATTAL

Rayek Rizek zit, omringd door katten, op zijn terras. Wahat as-Salam/Neve Shalom is een politiek, maar ook een sociaal experiment, zegt hij. Joden en Palestijnen moeten met elkaar in gesprek om dagelijkse problemen op te lossen. Dat weet hij uit de tijd dat hij burgemeester was. ,,Als twee buren met een conflict bij mij kwamen, ging het om een dak dat te hoog was of een blaffende hond. Dat is geen gesprek tussen een Jood tegen een Palestijn. Dat is een gesprek tussen mensen.”

Identiteit, zegt Rayek, verliest in het dagelijks leven van een dorp haar waarde. Hij is een overtuigd socialist, hij gelooft dat er een beter mens kan worden gebouwd. In zijn winkeltje hangen portretten van Che Guevara, Nelson Mandela en Martin Luther King.

Interreligieus

Het dorp is geprivatiseerd in de jaren tachtig. Toch is de hang naar gelijkheid nog overal zichtbaar, ook in de manier waarop het dorp is gebouwd. Er is geen synagoge, moskee of kerk. Op een afgelegen plek staat een interreligieus stiltehuis. Het is een koepelvormig gebouw, waar alle inwoners hun geloof kunnen belijden.

Maar politiek laat zich niet buiten de slagboom houden. Toen het openluchtzwembad vorig jaar mei heropend werd en burgemeester Eldad Joffe een feestelijke opening aankondigde, waren Palestijnse inwoners boos: hoe kun je nou feestvieren in tijden van genocide?

In 2007 kwam een jonge inwoner van Wahat as-Salam/Neve Shalom, Tom, Kitain, om het leven bij een helikopterongeluk. Hij diende in het Israëlische leger. Zijn ouders wilden een monument in het dorp voor hem oprichten, de Palestijnse inwoners protesteerden. Waarom een Israëlische militair eren op ons grondgebied? Na jaren discussie is er een compromis uitgekomen. Naast het basketbalveld waar hij graag speelde, is een zo neutraal mogelijke tekst opgehangen: ‘Ter herinnering aan onze Tom Kitain, een kind van vrede dat werd gedood in oorlog.’

Hoe diep de vriendschappen ook zijn: zodra ze achttien worden, gaan de levens van Joodse en Palestijnse kinderen uit elkaar lopen. Dienst weigeren betekent voor Joodse dienstplichtigen vrijwel altijd een gevangenisstraf. Sommigen zullen op militaire controleposten in bezet gebied terechtkomen. Er is nog niet één blijvende relatie ontstaan tussen een Joodse en Palestijnse inwoner, er zijn evenmin gemengde huwelijken.

Een muur bij de school van Wahat as-Salam/Neve Shalom. 
MICHAL FATTAL

Buiten het dorp zijn Joodse en Palestijnse levens nog veel verder uit elkaar gaan lopen. Nog maar een paar decennia geleden konden Joodse Israëliërs naar het strand van Gaza-Stad, en konden Palestijnen uit Gaza en de Westelijke Jordaanoever werken in Israël. Er was nog geen afscheidingsmuur, die werd vanaf 2003 gebouwd. En er was iets meer belangstelling voor elkaars leven, elkaars cultuur.

Wat er in de buitenwereld gebeurde – oorlog, kbezetting, aanslagen – heeft altijd zijn weerslag gehad op de verhoudingen ín het dorp. Daarom hebben dorpelingen het vaak moeilijk met de verheven status die de buitenwereld hun toedicht, de bezoekjes en photo ops van celebrities, de dure woorden. Alsof zij buiten de werkelijkheid staan, terwijl ze er juist deel van uitmaken. 

Luider verzetten

Neriya Mark en Ido Even Paz hebben de laatste jaren ,,een tegengestelde route afgelegd”, zegt Ido Even Paz. Hij is zich steeds intensiever met activisme tegen de bezetting en ongelijkheid gaan bezighouden. Zij is juist minder activistisch geworden. Neriya Mark groeide op in het dorp en koos voor radicaal activisme. Ze zegt: ,,Ik was cynisch geworden over dit dorp. Mensen wonen in hun mooie huizen en vinden dat ze iets belangrijks voor de wereld doen. Nu heb ik twee kleine kinderen, en merk ik dat activisme ook in kleine dingen kan zitten: een gesprek op gang brengen, het dorp bij elkaar houden, hier wonen, ook dat is opstaan tegen deze extreem-rechtse regering.”

Samah Salaime zegt dat ze bij ,,de gekken” hoort die geloven dat Joden en Palestijnen wel degelijk met elkaar kunnen leven. Daar is ze trots op, ondanks dat de laatste jaren moeilijk waren. ,,Ik heb wijsheid verworven. We hebben alles overleefd. Oorlogen, twee Palestijnse opstanden, eindeloos geweld. We zijn er nog, de vredesmensen. We moeten alleen leren minder schattig te doen. We moeten ons veel luider verzetten. We blijven, we gaan niet weg.”